Book

De man die de wereld wilde zien : in de voetsporen van ontdekkingsreiziger Carl Lumholtz (1851-1922)

De man die de wereld wilde zien : in de voetsporen van ontdekkingsreiziger Carl Lumholtz (1851-1922)
×
De man die de wereld wilde zien : in de voetsporen van ontdekkingsreiziger Carl Lumholtz (1851-1922) De man die de wereld wilde zien : in de voetsporen van ontdekkingsreiziger Carl Lumholtz (1851-1922)
Book

De man die de wereld wilde zien : in de voetsporen van ontdekkingsreiziger Carl Lumholtz (1851-1922)

Dutch
2025
Adults
‘FANTASTISCH GOED, GESCHREVEN DOOR EEN VAN MIJN FAVORIETE SCHRIJVERS.’ – DAGBLADET Carl Lumholtz’ verhaal is amper bekend, hoewel hij in zijn eigen tijd befaamd was om zijn expedities naar Australië, Mexico en Borneo, het huidige Kalimantan. Bij leven werd Lumholtz overladen met onderscheidingen en in één adem genoemd met collega-verkenners als Amundsen en Nansen, Stanley en Livingstone. 'De man d…
‘FANTASTISCH GOED, GESCHREVEN DOOR EEN VAN MIJN FAVORIETE SCHRIJVERS.’ – DAGBLADET

Carl Lumholtz’ verhaal is amper bekend, hoewel hij in zijn eigen tijd befaamd was om zijn expedities naar Australië, Mexico en Borneo, het huidige Kalimantan. Bij leven werd Lumholtz overladen met onderscheidingen en in één adem genoemd met collega-verkenners als Amundsen en Nansen, Stanley en Livingstone.

'De man die de wereld wilde zien' brengt verandering in Lumholtz’ onbekendheid: Morten A. Strøksnes heeft een ambitieus en uniek boek geschreven over de Noorse ontdekkingsreiziger, rijk geïllustreerd met foto’s en kaarten.
Vandaag de dag komt de wereld waarin Lumholtz werd geboren ons vreemd voor. Tijdens diens leven echter, stapte men de moderne tijd in. In dit spanningsveld tussen het vreemde en het vertrouwde heeft Strøksnes uitzonderlijk rijke materie aangeboord. Zijn reizen gaan vergezeld van uitgebreid, baanbrekend onderzoek in archieven over de hele wereld, niet in de laatste plaats in de Verenigde Staten, waar Lumholtz dertig jaar lang zijn uitvalsbasis had.

Strøksnes onthult niet alleen Lumholtz’ leven en tijd in al zijn pracht, wreedheid en geweld; hij gebruikt diens tijdperk ook als een donkere weerspiegeling van de onze – en al haar crises.

Over'Haaienkoorts':

‘Wisselt met het grootste gemak tussen wetenschap en mythe,
tussen Noorse zeemansverhalen en hedendaagse literatuur.’ – KNACK FOCUS

‘Strøksnes’ boek laat zien hoe historisch en wetenschappelijk schrijven in een verhaal kunnen worden verweven terwijl de
specifieke genoegens van beide manieren intact blijven.'– THE NEW YORKER
Personal subject Lumholtz, Carl
Title De man die de wereld wilde zien : in de voetsporen van ontdekkingsreiziger Carl Lumholtz (1851-1922)
Language Dutch, Norwegian
Original language Norwegian
Original title Lumholtz' gjenferd : verden rundt i sporene til en glemt hvit oppdager, på leting etter alt som ble borte, og det som ble igjen
Publisher [Amersfoort]: Meridiaan Uitgevers, 2025
927 p. : ill.
ISBN 9789493305182

De Volkskrant

Recensie - De man die de wereld wilde zien -In de voetsporen van een koppensneller
Martin Bossenbroek - 15 November 2025

Ze staat er nog. Omringd door een joelende schoolklas. Drie puzzelstukjes van een miljoen jaar oud: een schedelkapje, een kies en een dijbeen. Met veel inlevingsvermogen opgebouwd tot een complete mensachtige gestalte van 1,5 meter hoog.

Homo erectus, lang beschouwd als dé missing link tussen aap en mens. De kinderen wijzen en gillen, net als bij de dinoskeletten twee etages lager. Botten zijn de grote publiekstrekkers van Naturalis.

Zolang als het duurt. Binnen afzienbare tijd gaan de drie overgebleven stukjes homo erectus terug naar Java. Samen met de rest van de dertigduizend fossielen die daar eind 19de eeuw werden opgegraven onder leiding van de Nederlandse arts en paleontoloog Eugène Dubois. Op verzoek van de Indonesische regering wordt zijn hele collectie overgedragen.

Het besluit is op 26 september bekendgemaakt door minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Gouke Moes en gebaseerd op het advies van de Commissie Koloniale Collecties. De fossielen in kwestie, luidt haar conclusie, hadden 'een spirituele en economische betekenis' voor de lokale bevolking, die werd gedwongen 'de vindplaatsen aan te wijzen' en de vondsten af te staan.

Naturalis-directeur Marcel Beukeboom berust in de teruggave: 'Voor Indonesiërs staat het symbool voor het onrecht dat hun land is aangedaan.'

Als de aangehaalde criteria stelselmatig worden toegepast, kan ook het Kulturhistorisk Museum van de Universiteit van Oslo binnenkort claims vanuit Jakarta tegemoetzien. Op de website Art of the Ancestors wordt gepronkt met een schatkamer vol etnografische objecten uit Indonesië. Daaronder ook zeventien topstukken uit een collectie die door een tijdgenoot van Dubois werd verzameld op het Indonesische deel van Borneo (tegenwoordig Kalimantan). Ene Lumholtz; in Noorwegen is hij wereldberoemd.

Hoe, zegt u? Een Noorse ontdekkingsreiziger in voormalig Nederlands-Indië? De Noren deden toch alleen de Noord- en de Zuidpool? Fridtjof Nansen, Roald Amundsen - namen als ijsbrekers. En natuurlijk Thor Heyerdahl, dansend over de oceanen. Maar Carl Lumholtz? Nee, daar had ik eerlijk gezegd nog nooit van gehoord.

Sinds kort weet ik meer. Met dank aan de Noorse journalist en schrijver Morten A. Strøksnes. Tien jaar geleden brak hij internationaal door met Haaienkoorts. Sindsdien beet hij zich vast in 'het project-Lumholtz'. Het resulteerde in een vuistdik onderzoeksverslag dat nu ook in het Nederlands is verschenen onder de titel De man die de wereld wilde zien - In de voetsporen van ontdekkingsreiziger Carl Lumholtz (1851-1922).

Het is de laatste jaren een beladen genre geworden: witte ontdekkingsreizigers die er, vooral in de 19de eeuw, opuit trokken om de laatste ongerepte wildernissen van de wereld te leren kennen en beschrijven, inclusief de daar wonende 'natuurvolken'.

Tot het begin van de 21ste eeuw verschenen over deze 'verkenners van de westerse beschaving' nog onbekommerd kritiekloze heldenverhalen. Sindsdien is duidelijk geworden dat ook zij een gemêleerd gezelschap vormden, van bevlogen wereldverbeteraars als David Livingstone tot avonturiers zonder moreel kompas als Henry Stanley.

En allemáál waren ze, of ze het nu wilden, wisten of niet wilden weten, wegbereiders van een expansief westers kolonialisme. Die conclusie kreeg voor mij vaste vorm bij het schrijven van De Zanzibardriehoek en werd nog eens bevestigd door het lezen van De transformatie van de aarde van Peter Frankopan en De brandende aarde van Sunil Amrith.

Ook bij de jongste lichting biografen is dat besef doorgedrongen. Er moet wel een goede hedendaagse reden zijn om opnieuw aandacht te vragen voor zo'n ouderwetse globetrotter. Zoals bijvoorbeeld Andrea Wulf doet. Zij bedacht voor Alexander von Humboldt de (ere)titel De uitvinder van de natuur, omdat hij al twee eeuwen geleden oog had voor de schade die de mens aanricht op de planeet aarde.

En James T. Costa dicht in Radical by Nature aan Alfred Russel Wallace, die samen met Charles Darwin de evolutietheorie ontwikkelde, zowel 'een buitengewone passie voor wetenschap' toe als een grote 'inzet voor sociale rechtvaardigheid'.

Ook in oorspronkelijk Nederlandstalige biografieën draait het steeds meer om de hoogstaande motieven van de hoofdpersonen. Een bloemlezing uit het reisverhaal van de 18de-eeuwse VOC-boekhouder Jacob Haafner, hertaald en ingeleid door Thomas Rosenboom, kreeg als aanprijzende ondertitel: De eerste antikoloniale aanklacht in de Nederlandse literatuur. En in Leven op een vulkaan laat Ulbe Bosma zien dat Franz Junghuhn, de 'Humboldt van Java', er al midden 19de eeuw een 'ecologische en holistische visie' op nahield.

Even overtuigend is Ben de Ponti, in zijn Livingstone op de voet gevolgd - Dwars door het hart van Malawi. Na een werkzaam leven als tandarts in Zuidoost-Afrika besloot De Ponti twee historische tochten van de legendarische ontdekkingsreiziger nog eens over te doen. Op dezelfde primitieve wijze als destijds: lopend en varend.

De uitkomst was verrassend. Niet alleen trof hij op tal van plaatsen nagenoeg onveranderde levensomstandigheden aan, maar ook blijkt de naam Bwana Daudi en zijn strijd tegen de Afro-Arabische slavenhandel 150 jaar na dato door 'veel stamoudsten' nog altijd in ere te worden gehouden.

Twee zielen, één obsessieve werkwijze. Ook Strøksnes besloot dat zijn biografie van Lumholtz niet compleet zou zijn zonder zelf in diens voetsporen te treden. In zijn geval betekende dat niet alleen lopen en varen, maar ook offroad rijden en intercontinentaal vliegen. Waar Livingstones actieradius zich beperkte tot een half continent, struinde Lumholtz de halve wereld af: eerst vier jaar lang in Australië, toen twintig jaar in Mexico en de Verenigde Staten en als afsluiting nog eens twee jaar in Borneo.

Begrijpelijk dus dat Strøksnes alleen al een kleine vijfhonderd pagina's nodig heeft om al die beweging in woorden vast te leggen. Hij doet dat consciëntieus, op basis van een overdaad aan (ego)documenten, met verstand van zaken, inlevingsvermogen en oog voor detail, in een onderhoudende stijl. Het standbeeld van Lumholtz dat nog steeds in zijn geboorteplaats Lillehammer staat, wordt vakkundig tot leven gewekt.

De kleine Carl groeit, als de meeste natuuronderzoekers in spe, op voor herbarium en sterk water. Na een plichtmatige studie theologie blijkt de lokroep van Gods schepping toch groter dan die van Zijn woord. Een aanbod van de Universiteit van Oslo biedt uitkomst: planten en dieren verzamelen in de noordoosthoek van Australië, voor het nieuwe natuurhistorisch museum. De hele westerse wereld deed het, de Noren willen niet achterblijven.

Lumholtz stort zich vol overgave in de bush van Queensland. Als een ware prehistorische jager-verzamelaar, maar dan met een jachtgeweer. Geen buidelrat, kaketoe, boomkangoeroe of vogelbekdier is veilig. Doodschieten, prepareren en in verzegelde kratten naar Oslo sturen, dat is de beproefde methode. 'Vele honderden verschillende vogels, zoogdieren, vissen, insecten, reptielen en amfibieën' verscheept hij; de expeditie is een groot succes.

Het blijft niet alleen bij planten en dieren. Gaandeweg verschuift zijn fascinatie - én zijn verzameldrift - naar de oorspronkelijke bewoners van het gebied, de Aboriginals. De natuuronderzoeker wordt etnograaf en antropoloog. Als 'participerende observator' wint Lumholtz hun vertrouwen. Hij woont hun borbobi's (rituele feesten) bij en noteert in levendige details hoe ze op jacht gaan naar talgoro (mensenvlees). Ook dáárvan wil hij tastbaar bewijs. In ruil voor wat plakken tabak, het plaatselijke betaalmiddel, bemachtigt hij acht mensenschedels om mee terug te nemen.

Het is een sleutelmoment dat Strøksnes naar mijn idee onvoldoende markeert. Want hier wordt de travestie compleet: de moderne jager-verzamelaar ontpopt zich ook nog eens als een koppensneller nieuwe stijl. In de volle openbaarheid. Niet voor niets luidt de titel van zijn gepubliceerde reisverslag Blandt Menneskeaedere (Onder menseneters). En die sensatiezucht werkt. Het boek wordt vertaald in het Engels, Frans en Duits en maakt Lumholtz in de desbetreffende taalgebieden tot een Bekende Ontdekkingsreiziger.

Niet van de buitencategorie; daarvoor mist hij een cause célèbre zoals Livingstone, die terecht geldt als de vaandeldrager van de derde generatie abolitionisten. Voor Lumholtz is en blijft het verzamelen zelf het ultieme doel. Afnemers zijn er genoeg. Zijn belangrijkste opdrachtgever wordt het American Museum of Natural History in New York. Mede dankzij Lumholtz' inspanningen verwerft die instelling een immense collectie voortbrengselen én overblijfselen van indigenous people. Het is fascinerend en huiveringwekkend tegelijk om te lezen hoe die systematische strooptochten in hun werk gingen.

Verdient Lumholtz daarmee ook onze 21ste-eeuwse aandacht? De onderbouwing zou je verwachten in Strøksnes' verslag van zijn eigen wereldwijde roadtrip. Tevergeefs. Hier en daar heeft hij scherpe observaties, zoals over 'de ecologische oorlogsvoering tegen de oorspronkelijke flora en fauna' van Australië. En zijn persoonlijke ervaringen in het inmiddels tot een warzone verworden grensgebied tussen de Verenigde Staten en Mexico zijn indringend. Maar tussendoor strooit hij al te kwistig met wikiweetjes over bijzaken en randfiguren. En de meer dan honderd pagina's over zijn overlevingstocht dwars door Borneo rieken wel erg sterk naar Redmond O'Hanlon.

De grootste gemiste kans is dat de connectie niet tot stand komt. Strøksnes heeft absoluut oog voor de destructieve gevolgen van de westerse 'beschavingstsunami' op de rest van de wereld, maar heeft kennelijk een blinde vlek voor het aandeel dat zijn eigen hoofdpersoon daaraan heeft geleverd. Terwijl de missing link voor het grijpen ligt, namelijk op de website van het American Museum of Natural History.

Dat museum, bij het grote publiek bekend van de film Night at the Museum, heeft mede dankzij Lumholtz de skeletresten van zo'n twaalfduizend mensen in de collectie. Het is een van de grootste knekelpakhuizen ter wereld. Die status heeft de laatste jaren aanleiding gegeven tot verhitte interne discussies. De uitkomst daarvan staat sinds oktober 2023 online in een publieke verklaring over human remains stewardship.

Het is één lange schuldbekentenis. De verwerving van het merendeel van de menselijke resten, heet het nu, was destijds gebaseerd op 'een pseudowetenschappelijke, racistische en xenofobe theorie' over 'witte suprematie'. Voortaan is ethisch rentmeesterschap het parool. Alle menselijke overblijfselen verdwijnen uit de vitrines. Voor onderzoek in de beenderencollectie gelden strikte regels. En waar mogelijk worden stoffelijke overschotten in overleg met afstammelingen teruggegeven. Daar is (nog) geen woord Noors bij.